Afdrukken

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Schimmel Ary


Vroege loopbaan

Willem Ary Antony Schimmel (18 maart 1900 - 30 september 1937) was de zoon van majoor der militaire administratie Antonie Schimmel en A.C. Schippers. Hij volgde de HBS in Hilversum en deed in juli 1918 eindexamen. Schimmel werd vervolgens benoemd tot adAdelborst Schimmelelborst voor de zeedienst aan het Koninklijk Instituut voor de Marine te Willemsoord. Zijn jaargenoot aldaar was Cornelis Moolenburgh. Met ingang van 18 augustus 1921 werd Schimmel benoemd tot luitenant-ter-zee der derde klasse en geplaatst op Hr. Ms. Zeven Provinciën, commandant kapitein-luitenant-ter-zee R.P.C. Sprengler.

Begin van het jaar 1922 werd hij overgeplaatst bij de Indische Marine en zou hij tewerk gesteld worden bij de Marine Kazerne Oedjong. Dit ging niet door en in plaats daarvan werd Schimmel geplaatst op Hr. Ms. Assahan. Met ingang van 18 augustus 1923 werd hij bevorderd tot luitenant-ter-zee tweede klasse en  overgeplaatst, eerst bij de Marinekazerne Goebeng, en vervolgens op de Pro Patria.

In januari 1923 werd Schimmel overgeplaatst naar de Marinekazerne Oedjong en in maart 1924 tijdelijk belast met de betrekking van commissaris van politie der derde klasse. Dat was omdat de schepen, waarop de officieren voeren die tot deze functie werden benoemd, waren aangewezen om deel te nemen aan een eventueel optreden tegen zeerovers in de Golf van Bengkalis.

Werkzaamheden op diverse schepen

Schimmel kreeg in november 1924 toestemming om met de Johan de Witt naar Nederland terug te keren en werd met ingang Schimmel op schipvan 1 april 1925 geplaatst bij de Marinekazerne te Amsterdam.  Met ingang van 22 december van dat jaar vond een overplaatsing plaats op het Wachtschip te Willemsoord en in januari 1926 werd hij overgeplaatst op Hr. Ms. Heemskerk. Niet veel later werd Schimmel tewerk gesteld bij de Marineradiodienst te Amsterdam en in oktober 1927 overgeplaatst naar Rotterdam, waar hij bij de afbouw van torpedobootjagers toezicht moest verlenen.

Halverwege het jaar 1928 werd Schimmel overgeplaatst op Hr. Ms torpedobootjager Piet Hein, commandant luitenant-ter-zee C.E.L. Helfrich, de boot waarmee luitenant-ter-zee Jan Marie Lodewijk Ignatius Chömpff later ten onder zou gaan. Met de Piet Hein vertrok Schimmel op 15 december 1928 naar de Oost, waar hij bestemd was voor de dienst aldaar, en waar hij te werk gesteld werd bij de Marinekazerne te Oedjong.

Latere loopbaan

Schimmel werd met ingang van 3 december 1930 tijdelijk belast met het commando over Hr. Ms. De Ruyter en in juni 1931 overgeplaatst bij de dienst conservatie torpedobootjagers. Het jaar daarop kreeg hij vergunning naar Nederland terug te keren, om op 23 aprilSchimmel graf 1932 bevorderd te worden tot luitenant-ter-zee eerste klasse. Bij de beschikking van het Ministerie van Defensie werd hij met ingang van 7 januari 1933 in Amsterdam geplaatst. In 1936 werd hij aangewezen voor de dienst in Oost-Indië, waarheen hij op 7 oktober met het stoomschip van de Rotterdamse Lloyd Baloeran vertrok.

Schimmel werd in de Oost ingedeeld bij het Departement van Marine, waar hij in september 1937 te Batavia plotseling overleed. In eerste instantie werd Schimmel op het Kerkhof Laanhof aldaar op 1 oktober 1937 begraven. Hijl werd later herbegraven op de Oude Begraafplaats in Naarden, waar ook zijn moeder rust. 


Bronvermelding


[Terug]