Westerling te Basoedjadjar


De soldaat ziet diegene die hij doodt. Het is moeilijk om te doden. Dat laat herinneringen na die men niet zomaar even van zich afwast.  Maar de politicus in de veiligheid van zijn bureau stuurt kalm, met één streek van de pen onder een document, honderdduizenden mannen de dood in.  Hij ziet hun gezicht niet. Hij krijgt geen last van gewetenswroeging. Zo liggen de kaarten toch, nietwaar? - uit: Westerling, de eenling.

Zie ook het fotoalbum

 


Jonge jaren

Opleiding tot commando

Naar de Oost

Westerling op Sumatra

Codenaam Status Blue

Het plan van Westerling

Infiltratie in vijandige bendes

Oprichting Pasoekan Lima

Vertrek van Sumatra

Depot Speciale Troepen

De juiste methode van omgang met misdadigers

Activiteiten op Celebes

Verdere acties van Westerling op Celebes

Zachte dokters......

De wapens van Westerling

Politieke wendingen

De Eerste Politionele Actie

Westerling als de duivel in eigen persoon

Diverse werkzaamheden

Pacificatie van West-Java

Spoor en Westerling

Voorstel van Spoor aan Westerling

Ontstaan van de APRA-beweging

Bewegingen der politiek

De A.P.R.A.-staatsgreep

Operatie "Hak"

Reis naar Europa

De oorlog in Vietnam

Controverse met Loe de Jong

Overlijden en begrafenis

Ter verdediging van Westerling

Anderen over Westerling

Zie ook


 Jonge jaren

Raymond Paul Pierre Westerling (Istanboel, 31 augustus 1919 - Purmerend, 26 november 1987) werd geboren als een van de twee kinderen van een Turks-Griekse moeder (van een aanzienlijke Helleense familie) en een Nederlandse vader,  antiquair eWesterling jonge mann meubelfabrikant. 

Hij kreeg zijn opvoeding bij de Jezuïeten en sprak al op jonge leeftijd vier talen vloeiend. Toen hij vijf jaar oud was begon hij met het houden van slangen, muizen en hagedissen en het lezen van detectiveromans. Eenmaal wat ouder, zeven jaar, bekwaamde Westerling zich in de schietsport en maakte hij lange tochten door de bergen, gedurende welke hij vlinders en andere insekten verzamelde.

Westerling volgde de lessen aan de Jezuïetenschool St. Michael, waarna hij op achttienjarige leeftijd een baantje als kassier kreeg bij een groot warenhuis. Na een jaar vroeg zijn zwager, de echtgenoot van zijn zuster Palmyre, hem bij zich in de zaak, een leverancier voor de scheepvaart. In het begin van 1941 werden de geruchten over de strijd in Europa Westerling, die ook mee wilde doen, te machtig en ging hij naar het Nederlandse consulaat, waar hij werd aangenomen voor de dienst bij het Nederlandse leger. 

Opleiding tot commando

Bij het consulaat kreeg Westerling papieren voor de reis naar Cairo, alwaar hij zich officieel diende in te schrijven. In Cairo ontmoette hij een meisje waarmee hij zich verloofde. Maar de dag voor zijn huwelijk kreeg hij opdracht zich te melden bij zijn Australische eenheid, zodat de plechtigheid niet doorging. Westerlings eenheid bevond zich in een tentenkamp in de woestijn van Ismaïlia (Egypte). Kort na aankomst kreeg hij orders zich in te schepen oWesterling in burgerkledingp de Empress of Russia, die oorspronkelijk naar Engeland zou varen maar onderweg Halifax, Canada,  aandeed, waar Westerling opgedragen werd zich naar het opleidingscentrum (Prinses Julianakazerne) te Stratford, Ontario, te begeven. 

Toen zijn opleiding in december 1941voltooid was werden Westerling en zijn makkers overgebracht naar Engeland, waar zij werden ingedeeld bij de Prinses Irenebrigade te Wolverhampton. Na enige weken meldde Westerling zich als vrijwilliger voor de parachutistenopleiding, gedurende welke hij echter zijn voet brak.  Een nieuwe kans tot training verscheen toen men mensen zocht voor de commando-opleiding bij het Commando Basic Training Centre van Achnukkary, Spean Bridge (Schotland).

De rekruten waren jongens van verschillende nationaliteiten, die onder bevel stonden van Britse officieren. Aldaar leerde Westerling alle facetten van het vak, variërend van het besluipen van schildwachten tot het vernielen van gebouwen, het besluipen van een vijandelijk officier en vele andere zaken. Na afloop van de opleiding werd hij bevorderd tot korporaal en benoemd tot instructeur in de kunst van het geluidloos doden en het leveren van gevechten zonder wapens. Nadat hij hiervan een demonstratie had gegeven stelde men hem aan als instructeur van de gehele eenheid. 

Naar de Oost

In het begin van 1943 werd troep nummer 2, waar Westerling op zijn verzoek was ingedeeld, ingescheept om naar Brits-Indië te reizen, waar hij achtereenvolgens geplaatst werd te Kedgoon en Coconade. Tijdens een inspectie werd hij verkozen tot lijfwacht van Lord Louis Mountbatten, bevelhebber der geallieerden in deze sector. Nadat hij was overgeplaatst naar Belgau, bij Goa, kreeg hij een zes weken durende jungletraining, waarna hij werd teruggezonden naar Engeland, waar hij werd ingedeeld bij de InteTweeede vn links westerlinglligence Service, voorbestemd om de operaties achter de linies te verrichten. Hij diende weer een training te volgen, in onder meer parchutespringen, vernietigingstactiek, sabotage en contraspionage,  en werd bevorderd tot sergeant. 

Na de invasie werd Westerling naar België gezonden met de opdracht zich te melden bij het hoofdkwartier van Prins Bernhard, waar hij de opdracht kreeg Nederlandse verzetsstrijders te trainen in de tactieken die hijzelf eerder ook geleerd had. Dat deed hij door de echte vijand als oefenobject te gebruiken en uitstapjes met zijn leerlingen op vijandelijk gebied in Brabant en Limburg te maken. Tijdens de ontploffing van een V1 in maart 1945 raakte hij zwaargewond, maar herstelde volledig. Omstreeks deze tijd werd hij bevorderd tot sergeant-majoor en niet veel later benoemd tot tweede luitenant.  

Na de bevrijding werd Westerling, in opdracht van generaal-majoor J.W. van Oorschot,  als lid van de gevechtsgroep 136 naar Colombo overgevlogen, waar hi6872664575 Scan0001 jpgj nog steeds verbleef toen de Japanners op 15 augustus capituleerden. Van de 117.000 krijgsgevangenen en burger-geïnterneerden, Europeanen en Indische Nederlanders, waren er 19.000 omgekomen door Japans sadisme, honger en ziekte. De vrede kwam echter als een uitslaande brand, de Bersiap brak uit en tienduizenden (krijgs)gevangenen waren gedwongen, voor hun eigen veiligheid, in de Japanse kampen, bewaakt door hun voormalige cipiers te blijven, om niet vermoord of anderszins in stukjes gehakt te worden.

Op 17 augustus 1945 riep Soekarno de Republiek uit, op 3 september beval Lord Moutbatten deze Republiek direct te ontbinden en de 28ste september werd het de Japanners verboden het gezag op Java aan wie dan ook over te dragen. Pas de 30ste september landden Britse troepen te Batavia, de 20ste oktober te Semarang en de 25ste oktober te Soerabaja. Intussen werden Nederlandse eenheden nog steeds geweerd. "Om complicaties te voorkomen"  werd het doen van landingen hen zelfs verboden. Intussen namen roof- en moordpartijen door extremisten met de dag toe en liepen de "voormalige" Europese gevangenen een groot risico een eventuele bevrijding nooit meer mee te maken.  

Westerling op Sumatra

Westerling vloog op 11 september 1945 met een Liberator naar Colombo en na enige maanden daar (Force 136, D-Camp: complex te Laksapatya) doorgebracht te hebben door naar SumatrBotten Europeanena waar hij, naar hij te horen had gekregen,  een speciale opdracht met de codenaam "Status Blue" te verrichten had. Die hield in dat hij zorg diende te dragen voor de zuivering en consolidatie van Medan en de haven van Belawan. Uitvoering van deze opdracht diende te geschieden met een door Westerling op te richten ondergrondse politiemacht ter sterkte van 200 man. Deze eenheid moest een dag voor de landing van de Geallieerden openlijk tot aWesterling daalt neer op Sumatractie over gaan.

Te Medan werd Westerling opgevangen door zijn directe chef aldaar,  luitenant-ter-zee eerste klasse Ir. Carolus Alphonsus Maria Brondgeest. Ter plaatse was een explosieve situatie ontstaan doordat de Engelsen de taak van het handhaven van het gezag tijdelijk aan de Japanners hadden overgedragen, en dus niet aan de Nederlanders, die zij in onwetenheid hielden over alles wat er gebeurde, en doordat de heiho's (sukarela's, oorspronkelijk een hulpleger voor Japan, bestaande uit inheemse fanatieke jongeren) kampongs gingen terroriseren, vrouwen verkrachten en iedereen in stukjes hakten wiens gezicht hen niet beviel.

Deze slachtpartijen werden mede gestimuleerd doordat de onafhankelijke Republiek Indonesië was uitgeroepen. Onder de leuze "Strijders voor de Republiek" vielen de heiho's, verenigd in groepen met namen als "Bataljon van de Dood" en "Vereniging van Zelfmoordenaars" Chinese en Klingalese toko's aan en begonnen Europese vrouwen te verkrachten. Indertijd was het gros van de burgers geïnterneerd in de kampen Rantauprapat en Pakanbaroe en de krijgsgevangenen in Fort de Kock, Padang en Palembang, maar zelfs daar waren zij niet veilig.

Medan was een zeer gevaarlijk gebied. Op zekere dag werd Westerling opgeroepen naar het huis van de Zwitserse familie Thieles te komen; daar zag hij van onder de deur een dikke stroom bloed komen. Binnen lagen op de grond een hoop bloederige en vormeloze vleesklompen. Dit was de eerste keer dat Westerling kennis maakte met de Oosterse wijze van doodmartelen, het levend in kleine stukjes snijden van de slachtoffers.

Codenaam Status Blue

De Engelsen hadden Westerling, om het doel van Status Blue te bereiken, slechts een kist met niet-passende munitie en een hoeveelheid revolvers met zes patronen per wapen gezonden. Westerling besloot ondanks deze tegenslag zijn opdracht uit te voeren en tevens kracht naar de bevolking uit te stralen, waardoor het vertrouwen in de Nederlanders weer hersteld zou kunnen worden. Aldus147b0370deb2c427a8637f51e166f05550c46e18bd9242c692bf324715be12f6 begon Westerling met wandelingen door de omgeving en terwijl hij rondtrok trachtte hij door te handelen zijn persoonlijke missie te bespoedigen. Die was niet eenvoudig want in het machtsvacuüm dat na de capitulatie van Japan ontstaan was had de Tentara Keamanan Rakjat, het volksleger van Soekarno, vrijheid van handelen gekregen.

Met name de, het voormalige Nederlandse gouvernement goed gezinde, bevolking plukte hiervan de wrange vruchten - al tijdens de bezetting door Japan waren mede door toedoen van Soekarno duizenden mensen de dood ingejaagd. Nu was de Tentara Keamanat Rakjat onder het roepen van "Merdeka" op grote schaal aan het roven, plunderen en moorden geslagen en leefde men in grote angst, terwijl het Nederlands gouvernement geen enkele kracht toonde. Om hier een einde aan te maken trad Westerling ferm op.

Zelfs na herhaaldelijk vragen kreeg hij de door hem hiertoe aangevraagde wapens niet, maar slechts opdracht van het hoofdkwartier van Strijdmacht 136 het lot van generaal Overakker te onderzoeken. Nadat hij aan deze opdracht had voldaan zette Westerling zich aan de taak "Code Blue" te volbrengen. Dat deed hij mede door, met kennis van taal en godsdienst, een imposant netwerk,  en daarmee een inlichtingendienst, op te bouwen. Intussen verslechterde de situatie op Sumatra en namen overvallen en moordpartijen schrikbarende vormen aan.

Het plan van Westerling

Westerling ontwikkelde nu een plan dat de volgende elementen bevatte: consolidatie van de positie in en om Medan, de evacuatie van alle Nederlandse kampen en transport van de gevangenen van de kampen te Pakanbary, Ronaprapat en Sihantar naar Medan, ondermijning van de eenheid van denken, die heerste onder de revolutionaire bendes, en aanvulling vaRaymond Westerlingn het wapenarsenaal. De regie van de transporten van de gevangenen naar een veilige plaats kon niet aan de Japanners worden overgelaten.

Gewoonlijk organiseerden zij deze konvooien, waarschuwden dan de terroristen en lieten zich tijdens de reis door hen "overmeesteren", waarna de gevangenen, mannen, vrouwen en kinderen, een gruwelijke dood wachtte. Meerdere precedenten van deze wijze van handelen Pistool Raymond Westerling2waren indertijd op Java te vinden. Daarnaast zetten de Japanners de deuren van gevangenissen vaak wagenwijd open om moordenaarsbendes de kans te geven hun bloedige lusten bot te vieren en alle voormalige inwoners, alleen al op Java werden in deze periode zo 3.000 mensen vermoord, over de kling te jagen.

Toch wist Westerling, ditmaal met positieve hulp van de Japanners, wiens vertrouwen hij wist te winnen, de evacuatie der kampen naar het centrale kamp "Polonia" (met zeven satellietkampen rond Medan) voorspoedig te doen verlopen. Zo werd een groot aantal voormalige gevangenen in oktober 1945 per trein van het kamp Aiek Paminke naar Medan vervoerd. 

Ter hoogte van Pematang Siantar stopte de trein plotseling, waarna de Japanse bewapers zenuwachtig naast de trein begon te patrouilleren. Een jonge man begon hierop instructies te geven en de zaken in goede banen te leiden. Later vernam men dat Westerling voorkomen had dat de passagiers slachtoffer waren geworden van een bende Republikeinen, die de trein had willen overvallen en de passagiers uitmoorden.

Infiltratie in vijandige bendes

Via formele weg was het Westerling onmogelijk aan wapens te komen, daar een eventuele ontwapeningscommissie tot taak had zich daar in de toekomst over te buigen. Intussen lieten de Japanners rustig toe dat extremistische bendes hun wapenarsenalen leegroofden en gebruikten om te plunderen en Westerling in actiebloedbaden aan te richten. Door deze rovers een aantal keren te overvallen wist Westerling zelf ook aan wapentuig te komen.

Daarnaast zorgde hij in deze tijd voor het herstellen van de schade aan het vliegveld; op 13 oktober 1945 landden de Britse troepen op Sumatra en vernam Westerling het nieuws dat brigade-generaal Kelly van de Indian Division het bevel over Medan zou overnemen en dat de Nederlanders geacht werden te vertrekken. Aangezien de Engelsen met de formele instructie kwamen dat zij niet deel zouden nemen aan herstel van het Nederlandse gezag en de terroristische bendes de schijn aannamen tot een politieke kleur te behoren werd er niets aan hun mfd167175e3d3af64250bbde5f1b8c82b3fdab71c8e60ee0bcc252c1ba07a0e86isdadige activiteiten gedaan.

Kelly had echter kennis genomen van het goede werk van Westerling en stelde deze bij het bureau van de contra-spionage van de Divisie aan. Daar was Westerling zeer actief in het opsporen en oprollen van extremistische bendes.

Een daarvan was de gevreesde Gagak Hitam, zwaar bewapende ex-sukarelas uit de Japanse krijgsdienst, een der meest beruchte moordenaarsbendes uit Medan en omstreken. Geheel alleen, slechts ondersteund door enkele vertrouwelingen, wist Westerling de leider, Hayrullah,  en manschappen  van deze bende, onder meer door gebruik te maken van infiltratie, onschadelijk te maken. Hayrullah bekende bij ondervraging de moord op een aantal Engelse officieren en nog vele andere executies, verkrachtigingen en brandstichtingen.

Hierdoor en door zijn wijze van optreden won Westerling steeds meer het vertrouwen van de bevolking en zelfs het respect van de Japanse legertop. De bliksemexpedities, nachtelijke overvallen en geluidloze executies van bendeleiders verbijsterden zijn tegenstanders en maakten hen onzeker. Inmiddels was er een prijs van 20.000 Engelse Ponden op Westerlings hoofd gezet door de Banteng Hitam (Zwarte Buffel), een der gevaarlijkste terreurgroepen.

Op basis van het feit dat hij de terrorist en drie van zijn makkers eigenhandig gedood had werd op hem het stempel gedrukt van bloeddorstig, tyranniek en dictatoriaal, terwijl de door de Engelsen gebruikte methode, een dorp met schuldigen en onschuldigen platbombarderen, waarbij veel meer doden vielen, als acceptabel werd gezien.

Oprichting Pasoekan Lima

Indertijd werden in ruil voor wapens grote hoeveelheden producten vanuit Sumatra naar Singapore gesmokkeld, waarbij de Engelsen te Singapore een niet onbelangrijke rol in dit schimmenspel hadden. Om hieraan een einde te maken richtte Westerling de Pasoekan Lima, een ondergrondse beweging, op en startte hij een zogenaamde fluistercampagne. 

Hierbij werden drie soorten geruchten verspreid: dat de bevolking van Noord-Sumatra systematisch leeggeplunderd werd, dat de geroofde goederen bendeleiders geld opleverden en dat de wapens die hiervan gekocht werden tegen het volk werden gebruikt, en dat de Engelse troepen  het volk   onbeschermd lieten teneinde gemene zaak met extremisten te maken.

Terwijl een golf van terreur juist op dit moment het betrokken gebied teisterde deed de fluistercampagne haar werk. Op enkele plaatsen kwam het tot een handgemeen tussen bevolking en bendes; nu voorzag Westerling de bevolking van wapens, waardoor zij zich kon verdedigen tegen de agressie van terroristische groepen, waardoor ook de verscheping van producten naar Singapore verminderde doordat dit niet meer  loonde.

 Vertrek van Sumatra

Intussen vertrok brigade-generaal Kelly en werd vervangen door generaal Hadley. Deze hield zich strikt aan het door Engeland gedicteerde beleid, wat desastreuze gevolgen voor Sumatra had. De Nederlandse generaal Pelt werd opgevolgd door generaal P. Scholten; er vonden geen acties meer plaats en men werkte elkaar tegen.  Westerling was het op deze wijze onmogelijk geworbelanda diputus bersalah atas tragedi westerling ei0den nog te handelen en hij besloot ontslag te nemen uit het leger. Tijdens de laatste bijeenkomst met de Engelse bevelhebbers verklaarde hij dat hij de oprichter en leider van de Pasoekan Lima was geweest, waarna hem huisarrest werd opgelegd en hij per eerste mogelijkheid Medan diende te verlaten. 

Westerling was vervolgens  gedurende elf maanden als intelligence officier werkzaam bij de 26ste Divisie, maar omdat hij niet achter de politiek van deze eenheid stond besloot hij alsnog het leger te verlaten. Sinds 10 februari 1946 was het Nederlandse hoofdkwartier van het Nederlandse leger, onder bevel van kolonel H.J. de Vries,  gevestigd te Makassar en werden alle Neder0c26f698fa3c6e0f7917111198ae7e95e308a3290b5f7fdfe73165d256a7a0d3lands-Indische gebiedsdelen, met uitzondering van Java en Sumatra, die pas op 30 november 1946 volgden,  door de Engelsen overgedragen.

Westerling vertrok op 17 juli 1946 per vliegtuig naar Batavia, een stad in verval. Nog vlak voor de aankomst van de Nederlandse troepen hadden voormalige sukarela´s de Chinese bevolking van Tangeran uitgemoord en in de stad zelf heerste totale anarchie. Pas aangekomen was Westerling getuige van het uit de gracht vissen van een zwaar voorwerp; dit bleek het naakte lichaam van een jong meisje dat aan een kruis gespijkerd was, een marteldood die door terroristen speciaal gereserveerd werd voor Indo-Europeanen.

Het was echter geen uitzonderlijke gebeurtenis: vrijwel iedere dag werden er gekruisigde lichamen uit het water opgedregd. Op 5 juni, enige weken voor de komst van Westerling, was de gehele Chinese bevolking van Tangerang uitgemoord; bij deze slachtpartij verloren 10.000 mannen, vrouwen en kinderen het leven. Alle vrouwen, tot kleine kinderen toe, bleken verkracht te zijn. Westerling bezocht temidden van deze ellende te Batavia, toen al Djakarta geheten,  zijn oude chef uit zijn tjd in  Colombo, kapitein W. Scheepens, die bezig was te Polonia, bij Meester Cornelis,  de commando-eenheid "Speciale Troepen" van het KNIL op te richten.

Depot Speciale Troepen

Kapitein Scheepens en zijn manschappen liepen de dag na Westerlings bezoek in een hinderlaag, waarbij Scheepens zwaar gewond raakte en Westerling kreeg nu van kolonel Engles, directeur Centrale Opleiding, het verzoek de leiding van het Depot Speciale Troepen op zich te nemen. Deze eenheid van vijftig man bleek volledig gedemoraliseerd door de vele nederlagen die het had geleden. Die waren ontstaan doordat men tegen de Indonesische guerrilla´s vocht alsof men tegen een geregeld leger, opererend volgens de regels van een geciviliseerd land,  ten strijde was geLeden speciale troepen graven naar lijkentrokken.

Westerling meldde de troep dat er vanaf nu geheel anders gevochten zou worden, dunde de groep uit tot 20 man en verkreeg van het Algemeen Hoofdkwartier bijzondere bevoegdheden, waaronder de machtiging om bij alle bataljons vrijwilligers te werven voor zijn nieuwe eenheid. De hoofdtaak van de Speciale Troepen was het beschermen van de onschuldige bevolking, de vrede herstellen en de leiders der terroristen te verjagen.

Na twee weken zware training was het Depot aangegroeid tot 150 man en werd een junglekamp ingericht om verder te oefenen.  De training geschiedde onder het adagium dat men niet tegenover een vijandige bevolking stond maar werkte in het belang van deze mensen, die verlangden te worden bevrijd van de wandaden van terroristen. Leden van de bevolking zouden nu worden ingeschakeld als medewerkers en als bronnen van inlichtingen. Alleen bendeleden en gewapende guerrilla´s zouden het doelwit vormen van aanvallen door het Depot Speciale Troepen. Daarbij werd ervan uitgegaan dat veel leden van de bendes dit onvrijwillig waren en dus met beleid konden worden overgehaald de andere kant te kiezen.

Niet veel later (november 1946) ontving Westerling de opdracht van het hoofdkwartier om zijn Depot Speciale Troepen over te plaatsen naar Celebes. Dit eiland was vanaf 10 augustus 1946, toen de eerste Pemuda's uit Java in jonken daar landden en het land infiltreerden, in de greep van een afschuwelijke terreur. Hele families werden uitgemoord en doordat de Nederlanders tot de komst van het Depot Speciale Troepen niet in staat waren de onvoorstelbare wreedheden der Pemuda's te stoppen hadden de inwoners van Celebes ieder vertrouwen in het Nederlandse gouvernement verloren.

De juiste methode van omgang met misdadigers

Makassar, de hoofdstad, was een stad van sluipmoordenaars geworden. Het eerste dat Westerling zag toen hij de grond van deze staf onder zijn voeten had was het onthoofde lichaam van een inlandse soldaat uit Ambon. Landbouw werd niet meer beoefend en er was geen handel met wie dan ook meer mogelijk. Het politiekorps bleek geïnfiltreerd door bendeleden, waardoor een systematisch terreurbewind was opgebouwd. 

Wat niet meehielp was dat als dorpsbewoners terroristen hadden uitgeleverd de Nederlandse machthebbers hen een¨paar dagen vasthielden,  vaderlijk voorhielden te stopppen met hun ongewenste activiteiten en vervolgens vrijlieten, waarna deze moordenaars bloedig wraak namen op de dorpsbewoners die hen uitgeleverd hadden. Westerling ging uit van het geheel tegengestelde principe dat de executie van één misdadiger de redding kon betekenen van honderden onschuldige mensenlevens. Dit betekende een onverbidderlijke gestrengheid ten aanzien van de werkelijke misdadiger en bescherming voor de kleine man.

Activiteiten op Celebes

Op 5 december 1946 landde Westerling aldus met 123 man te Makassar, waar hij werd ontvangen door de commandant van De Grote Oost en Borneo kolonel H.J. de Vries. Westerling vernam toen ook dat hij was bevorderd tot kapitein en de pacificatie van Celebes kreeg opgedragen. Deze opdracht was veelomvattend, mede, zoals eerder vermeld, doordat het politieapparaat faalde en terroristen vrijliet die bloedig wraak namen op de bevolking, waardoor deze hen niet langer uitleverde. Westerling pleitte derhalve voor de invoering van het standrecht, standrechtelijkeWesterling celebes goededag executies van de criminele elementen.

Hij  trok zelf 's nachts met zijn troep de kampongs in teneinde de stemming te peilen en de acties van de vijand te observeren. Vervolgens nam Westerling de goedwillende bevoling in de arm om als extra ogen en oren in de strijd te dienen. Gouverneur-generaal Van Mook kondigde op 10 december 1946 de staat van oorlog voor Zuid-Celebes af. De eerste zuiveringsactie vond in de nacht van 10 op 11 december plaats. Het doel was de weg naar Maros, dat grensde aan het oostelijk deel van Makassar, vrij te maken. Dit gebied zuchtte al langer onder de terreur van een aanzienlijke bende. 

De actie van Westerling vond niet zonder voorbereiding plaats: hij had een groot aantal rapporten van de militaire en burgerlijke instanties te Makassar vergeleken met recente inlichtingen van eigen mensen en met die van door hem ingeschakelde inheemse agenten. Op basis hiervan stelde hij een lijst op met de antecedenten van 74 beruchte terroristen, inclusief gegevens over hun criminele verleden. Tijdens de actie zelf was het motto van Westerling: "Dwing niet de onschuldigen om met de schuldigen dezelfde dekking te moeten zoeken. Geef ze niets gemeenschappelijks en probeer altijd de schuldigen te scheiden van de onschuldigen." 

Pas na een grondige identificatie en het voorlezen van de wandaden door hen bedreven werKampement te Kalibataden de bendeleiders standrechtelijk met een pistoolschot gedood. Na deze actie volgden nog drie met hetzelfde resultaat: terroristenleiders en moordenaars werden geëxecuteerd en de bevolking beloofde het terrorisme uit te bannen en volledig medewerking te verlenen aan herstel van orde en rust.

De dorpen waar zich terroristenbendes bevonden werden vanaf de rijstvelden of moerassen omsingeld en omdat Westerling via zijn infiltranten altijd wist waar de leiders zich bevonden konden deze direct worden gearresteerd en ter plekke ondervraagd. Hij vroeg vervolgens aan de dorpsbewoners welke straf de leider verdiende en voerde deze vervolgens uit. De minst corrupte en meest moedige bendeleden stelde hij vervolgens aan als hoofd van de dorpspolitie en liet hij een eed afleggen. Het overige gedeelte van de bende werd benoemd tot lid van deze orde-instelling.

De resultaten die Westerling bereikte door bandieten in politiemannen te transformeren waren verbazingwekkend. Niet alleen hielden deze bekeerde recruten hem op de hoogte van de nadering van nieuwe bendes maar vaker nog streden zij met veel moed hiertegen en menigeen stierf terwijl hij de orde verdedigde, die hij eens zelf had bedreigd.

Verdere acties van Westerling op Celebes

Al snel na de eerste acties keerde op Celebes de rust terug. Dat was mede door de psychologische aanpak van Westerling: in het openbaar uitgevoerde executies van uitgesproken criminele elementen, gecombineerd met begrip en clementie voor dorpelingen die onder bedreiging strafbare feiten hadden moeten plegen en voor meelopers. Al tijdens de tweedBrief der 30000e actie begon de bevolking spontaan mee te werken, waarmee de inschakeling van de bevolking in het pacificatieproces een feit was, en startte Westerling met de oprichting van Volkskrijgsraden.

Een andere doeltreffende maatregel die hij nam was het instellen van dorpspatrouilles, uitgevoerd door leden van de betreffende kampong. De oprichting van deze Peronda Kampong leverde verbazingwekkend goede resultaten op. Het volgende doel van Westerling was nu de zuivering van Makassar, inclusief de inheemse civiele politie, die  geïnfiltreerd was door extremisten, wat had geleid tot duizenden doden onder de onschuldige dorpelingen. Hiervoor waren zes criminele elementen verantwoordelijk, die ter dood werden gebracht. Daarnaast zette hij een registratiesysteem op voor verdachte personen die op Celebes aankwamen.

Zachte dokters......

Eenmaal was Westerling gedwongen om een spion voor de pemuda's, Moetalib, standrechtelijk te executeren nadat deze zich na een waarschuwing niet aan zijn woord hield zich voortaan van dergelijke activiteiten te onthouden. Door de acties van Moetalib waren onder meer hele detachementen van het Nederlandse leger in bloedige hinderlagen gelopen. Het doodschieten van Moetalib was het begin van Westerlings reputatie als "moordenaar" onder Westerlingen, hoewel de actie uiteindelijk honderden mensen het leven redde. In dWesterling en troep op Javae tweede helft van 1947 begonnen de bewoners van kampongs zelf, met behulp van de Peronda Kampong, hun dorpen vrij te maken van terroristen.   

Op een gegeven ogenblik richtten Pemuda's een bloedbad aan in een der dorpen. Zij mikten vooral op de buik, zodat de getroffen persoon een gruwelijke dood stierf doordat de darmen uit de opengereten wond puilden. De gewaarschuwde Speciale Troepen troffen een abattoir aan. Om achter de daders te komen isoleerde Westerling de dorpsbewoners, die te bang waren om te spreken; onder dreiging van en schijnbare uitvoering van drie executies (die van te voren met de slachtoffers in scene waren gezet) deden de mensen hun mond open en wezen de leden van de verantwoordelijke bende aan, die nu geen nieuwe moordpartijen meer konden organiseren.

Kampong Baroe, doorvoerplaats van Pemoeda's, werd in februari 1947 door de Speciale Troepen belegerd. Doel was om de leden van de bende "Zwarte Tijger", een stel dorpsbewoners,  te identificeren, Met tact gelukte het Westerling deze mannen zich aan te laten geven en transformeerde hij de groep tot een militie, die uiteindelijk de kampong ging verdedigen. In al deze zaken trad Westerling op als een politieman die de misdaad bestreed. Hij arresteerde terroristen, niet omdat zij handelden op aanstichting der Republikeinse regering, wat ook daadwerkelijk het geval was, maar omdat zij zich schuldig maakten aan openlijke en onmiskenbare misdaden.

Indien Westerling Republikeinse officieren -  oprechte nationalisten - onder de verdachten aantrof dan schakelde hij deze in bij zijn eigen staf en nodigde hen uit zich in te zetten bij het herstellen der orde, overigens niet nadat hij grondig hun antecedenten had onderzocht.

De wapens van Westerling

De acties van Westerling riepen bij bepaalde Nederlandse officieren verontwaardiging en afgunst op. Een van de redenen waarom veel van deze mannen ongeschikt waren voor de strijd die Westerling te voeren had was omdat zij puur militaire oplossingen aandroegen voor een bij uitstek Tevredenheidsbetuiging Westerlingpsychologische kwestie. Deze zuiver militaire handelingen voldeden niet omdat bij terrorisme het doel niet de vernietiging van vijandelijke sterkten of het bezit van een bepaald gebied was maar de overheersing van de bevolking. Vooral Nederlanders waren sterk in een handelen dat zich uitte in een beschamend paternalisme ten aanzien van de bevolking, waardoor een Nederlandse militair veranderde in een sociaal werker in plaats van dat hij kracht uitstraalde.

Het bijzondere van Westerling was dat hij een perfect evenwicht had gevonden tussen onverbiddelijke strengheid en clementie. In de periode van 15 december 1946 tot 15 februari 1947 werd de pacificatie van Celebes begonnen, uitgevoerd en voltooid. Gedurende deze tijd vonden 600 terroristen de dood maar werden door het handelen van Westerling en zijn manschappen vele tienduizenden levens van mannen, vrouwen en kinderen gespaard. Ook de eilanden rondom Celebes werden gezuiverd. Hierna strooiden vliegtuigen vanuit de lucht pamfletten, waarin de misdaden van de bendeleiders beschreven stonden.

Op 5 maart 1947 vertrokken de Speciale Troepen van Celebes om naar de thuisbasis Polonia op Java terug te keren.  Bij het afscheid te Makassar werd Westerling door een enorme menigte toegejuicht. Te land en ter zee waren de communicatiemiddelen hersteld en  de akkers rond Makassar werden weer bebouwd. Voor de Republikeinse regering was deze overwinning echter een zware slag.

Politieke wendingen

Na een week werden de nog steeds in aantal groeiende Speciale Troepen van Polonia naar Kali Bata overgebracht. Op Java trof Westerling een aanmerkelijk verslechterde toestand aan. De Engelsen hadden hun troepen teruggetrokken maar de Nederlandse manschappen die hen vervangen hadden wisten slechts een klein gedeelte van Java rond Djakarta, Bandoeng en Soerabaja bezet te houden. Dit gebied stond bovendien steeds bloot aan aanvallen van terroristen, die als waanzinnigen tekeer gingen, ondanks de ondertekening van de overeenkomst van Linggadjati. Dat was omdat de Republikeinen wel is waar formeel de Federatie hadden geaccepteerd maar in werkelijkheid deze saboteerden. Hun doel was om door middel van terreur macht over de bevolking te verkrijgen en zo Nederland te dwingen het veld te ruimen.

Na de conferentie van Malino en de akkoorden van Linggadjati werden direct al de akkoorden met voeten getreden door de Pemuda's.  Nederland liet haar belangen over aan anti-kolonialisten als Van Mook en Schermerhorn, die geen juist inzicht hadden in de binnenlandse politieke verstandhoudingen, en daardoor fatale blunders begingen, waaronder het zich verlaten op schone maar krachteloze begrippen als "humaniteit". Mede door dit handelen liep een belangrijke bondgenoot van het Nederlandse bewind, de sultan van Djokjakarta, over naar het kamp van Soekarno en riep de autonomie van zijn gebied uit.

De Eerste Politionele Actie

Westerling intussen beoordeelde de Nederlandse politiek naar haar resultaten en zag slechts plundering, moord en doodslag. De 21ste juli 1947 startte Operatie Product. De Speciale Troepen veroverden te Djakarta alle Republikeinse gebouwen, waaronder het hoofdkwartier van de T.N.I. te Pengang-Sahang-Oost en het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Binnen een uur werden niet alleen de gewapende lijfwacht (30 man) van Sjahir, Minister van Buitenlandse Zaken die niet aanwezig was, maar ook 1.300 burgers gearresteerd en een arsenaal aan wapens, geweren, machinegeweren en handgranaten, buitgemaakt.

De Politionele Actie verliep voorspoedig. Overal werden de terroristenbendes uiteen gejaagd en vrijwel geheel Java zou weer in Nederlandse handen zijn gekomen indien de actie was voortgezet. Op 4 augustus gelastte de Nederlandse regering echter tot een staakt het vuren. In de Verenigde Naties was door de Sovjet-delegatie aangevoerd dat het KNIL een agressieve macht was die werd aangewend tegen het Indonesische volk; de kritiek werd zo hevig dat Van Mook verplicht werd de troepen te bevelen de opmars stop te zetten. Er werd nu een Commissie van Goede Diensten ingesteld door de Verenigde Naties, die "neutrale" militaire waarnemers zond om de grenslijnen tussen de Nederlandse -en Indonesische troepen vast te stellen.

Westerling als de duivel in eigen persoon

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties erkende door slechts naar de vertegenwoordigers van de Republiek te luisteren en die van de staten Bornedeel 1o en Oost-Indonesië niet te willen ontvangen, de exclusieve souvereiniteit van de Republiek over geheel Indonesië. Vanaf dit moment spiegelden de vertegenwoordigers van de Republiek Westerling voor als de duivel in eigen persoon, beschuldigden hem van alle daden die de Republiek zelf, in de vorm van moorden en plunderingen door Pemoeda's en manschappen der TNI, had begaan, en die Westerling juist had helpen bestrijden. Daarnaast werd het aantal slachtoffers dat Westerling zou hebbeDeel 2n gemaakt tot een astronomisch aantal van 40.000 opgeblazen.

Onder druk van deze onjuiste beschuldigingen stelde de wankelmoedige Nederlandse regering op 9 april 1947  een onderzoek naar een van haar meest bekwame officieren in.  In het Zuid-Celebesrapport, getekend door luitenant-generaal Simon Spoor, werd Westerling volledig vrijgepleit van alle beschuldigingen. Spoor schreef onder meer: "De door hem getroffen zeer straffe maatregelen met de daaruit voortvloeiende executies ter plaatse van door behoorlijke intelligencegegevens aangewezen misdadige elementen de enige mogelijke en juiste methode is gebleken die aan de bevolking weer het vertrouwen wist terug te geven."

"Men mag onder geen voorwaarde vergeten dat de gehele toestand op Celebes werd ingegeven en beheerst door de mateloze angst voor terroristen en dien ten gevolge tegenover deze misdadige terreur slechts een genadeloos, doch gerechtvaardigd optreden tegenover de misdadigers, die angst kon doen verdwijnen. Het is niet te veel gezegd dat kapitein Westerling voldeed aan alle eisen van een man die zowel qua instelling als begrip, voor de zaak waarvoor hij was aangesteld, over uitzonderlijke kwaliteiten beschikte". De Nederlandse regering weigerde gedurende meer dan twintig jaar de brief van Spoor, die volledig eerherstel aan een belasterd soldaat gaf,  te publiceren.

Diverse werkzaamheden

Generaal Spoor droeg Westerling meerdere keren voor de Militaire Willemsorde voor.  Dit was de ideale gelegenheid Westerling voor het oog van de gehele wereld te rehabiliteren van de laster die over hem werd uitgestort. Maar de Regering weigerde en liet hem de door haar geplande rol van zondebok spelen. Westerling en het Depot Speciale Troepen verhuisden in november 1947 naar Batoedjadjar (bij Bandoeng) en Het Depot onderging een naamsverandering in januari 1948. Het operationele gedeelte werd tot Korps Speciale Troepen omgedoopt en het Depot, waaronder de centrale commando opleiding, werd hernoemd tot "Depot van het Korps Speciale Troepen".  Westerling, inmiddels plaatselijk militair commandant, had de leiding over beide eenheden.

Onder zijn leiding werd de groene baret ingevoerd en een embleem voor de troepen ontworpen. Tegen het einde van het eerste kwartaal bestond de eenheid uit 1.200 man. Westerling zelf viel direct onder generaal Spoor. Zijn belangrijkste secondanten waren de kapiteins Mr. H.W.J. Bosch en H. van der Zeep, de luitenants A.A. Burger, J.H.C, Ulrici, R.F. de Mey, J.H. Dresens, Trilling en vaandrig E. Millenaar. Eind maart 1948 kreeg Westerling van Spoor opdracht de affaire rond de moord op vaandrig Arnhout te onderzoeken. Uiteindelijk werden vijftig burgers, werkzaam in militaire inrichtingen, en twee officieren tijdelijk vastgezet.

Intussen werd een begin gemaakt met de parachutistenopleiding, waardoor op 9 augustus 1948 de eerste troep para-commando's, commandant R.F. de Mey, gerealiseerd kon worden. Elders verhevigde de TNI in die gebieden die niet onder controle van het Korps Speciale Troepen stonden de terreur. Moorden, brandstichtingen en ontvoeringen waren weer aan de orde van de dag. Westerling werd bij Spoor geroepen en kreeg opdracht tot de pacificatie van West-Java.

Pacificatie van West-Java

Westerling nam contact op met de divisiecommandant van de C-Divisie, indertijd generaal-majoor H.J.J.W.Dürst Britt, en vestigde zijn hoofdkwartier te Krawang, ten oosten van Batavia. De eerste actie, uitgevoerd door het Korps Speciale Troepen en onderdelen van de Koninklijke Landmacht,  vond plaats op 31 augustus in het gebied tussen Tjibarusa en Tjikampek. Twee terroristische bendes werden uitgWesterling draagt commando overeschakeld. De oppasser van Westerling beging tijdens de actie het misdrijf van het plegen van een viervoudige moord en verkrachting - de man bekende later en werd tijdens een poging tot vluchten doodgeschoten. Westerling noemde deze episode later een zwarte bladzijde uit de geschiedenis van het Korps Speciale Troepen.

Na twee weken was de toestand op West-Java aanzienlijk verbeterd en keerden Westerling  en het Korps terug naar Batoedjadjar. Generaal Spoor stelde hem een nieuwe actie voor, namelijk de bezetting vanuit de lucht van vliegveld Maguwo, gevolgd door een snelle opmars naar Djokjakarta, waar de regering van Soekarno gearresteerd diende te worden Westerling echter vroeg en kreeg zijn ontslag uit de militaire dienst omdat hij zich aangevallen voelde door de Regering en gouverneur-generaal van Mook, die Soekarno immers toch na een korte tijd in vrijheid zouden stellen. Hierop bezocht een Indonesische delegatie Spoor in de hoop dat hij Westerling van mening zou kunnen doen veranderen en diens ontslag in zou trekken.  Westerling droeg op 11 november 1948 om 11 uur 's ochtends zijn bevel over de Speciale Troepen over aan luitenant-kolonel W.C.A. van Beek in tegenwoordigheid van generaal D.C. Buurman van Vreede, stafchef van de Opperbevelhebber, generaal Spoor.

Spoor en Westerling

Westerling trouwde enige dagen na zijn ontslag uit het leger met de dochter van een Fransman uit Java, Yvonne Fournier, en vestigt zich te Tjililin, later Patjet (Pasoendan, West-Java). Daar hield hij pythons en gifslagen, een hobby uit zijn jeugd, en richtte hij een transportonderneming op, die al binnen een jaar een winst wist te maken van 600.000 gulden. Toen Westerling er samen met een vriend in slaagde de al maanden verstoorde wegverbindingen te herstellen begon de zaak zeer goed te lopen. Begin maart 1948 werd Westerling echter bij generaal Spoor geroepen.

Die spuwde zijn gal over de halfhartigheid der Nederlandse politici en noemde hen: "halfslachtige theoretici, gebrekkige curatoren, die zoals alle zwakkelingen hard zijn maar niet hard genoeg om echt op te treden. Ze zijn echter wel grof genoeg om de verontwaardigde te spelen en de schuld van de mislukkingen op anderen, op  het leger te gooien. In de roes van hun eigen grootspraak sluiten zij de oren voor de klacht van de in de steek gelaten volken en de wanhoop van verraden soldaten."

Spoor voorspelde tevens dat de Nederlandse regering plechtig het zelfbeschikkingsrecht van de staten garandeerde tegen iedere agressie. Dat vond hij een gevaarlijke belofte daar diezelfde regering zeer goed wist dat zij die belofte niet gestand kon doen. De federale staten zouden, zo voorspelde Westerling in het gesprek, veroverd worden door de gewapende benden van Djokjakarta en terwijl de Nederlandse regering toekeek zouden de inheemse voormalige soldaten van Spoors leger worden omgebracht. Maar indien Spoor niet akkoord ging dan zou de regering iemand vinden die dat wel deed.

Voorstel van Spoor aan Westerling

Westerling stelde Spoor voor in iedere kampong een militie (beperkt tot Pasoendan) te organiseren zodat de burgers beschermd waren tegen terroristen en de Federale Staten een begin vanWesterling na aankomst in Belgie een leger werd nagelaten, zodat zij zichzelf konden verdedigen. Spoor was het in beginsel met dit toch van een zekere mate van buitenlandse inmenging getuigend voorstel eens en refereerde aan het feit dat alles in Indonesië oorspronkelijk van buitenaf was gekomen: de Islam was vanaf de zestiende eeuw geïmporteerd uit de Arabische staten en het Nationalisme was een in de twintigste eeuw ingevoerd Europees idee geweest. Zelfs het door Soekarno gekoesterde Marxisme kwam niet uit zijn eigen koker maar was een westerse filosofie.  "Spoor was in deze tijd eenzaam, onnoemelijk eenzaam. Hij was een van de eerste soldaten die werd verworpen en opgeofferd bij de tragische verdeeldheden die de dekolonisatie aankleefden."

Het voordeel voor Soekarno van de heerschappij over de gehele archipel zat in de onbeperkte controle over aardolie, rubber, zink en copra, met andere woorden over de rijkdommen van Celebes, Borneo en Sumatra. De niet-Javaanse bevolking kreeg er een bewind van terreur en corruptie voor terug. Daarom waren Spoor en Westerling voorstander van de federatie-gedachte. Om deze reden ook overwoog Spoor, onder druk van de omstandigheden, tot een militaire coup. Hij belastte Westerling met de aanleg van de voor de actie benodigde wapenvoorraden. Westerling intussen startte in maart 1949 met het organiseren van zelfverdedigingsmilities in de buurt van Tjililin, Patjet en Sumedan. Dit was het begin van de Tentiara  Keamanan Dessa (TKD), het Dorps Volksleger, dat de rechten van de door het Nederlandse gouvernement erkende vrije staat Pasoendan (Soendan, hoofdstad Bandoeng) verdedigde. 

Ontstaan van de APRA-beweging

In april 1949 kreeg Westerling bezoek van een delegatie kiais (Islamitische wetsgeleerden). Zij zagen in Westerling, volgens de eigen overlevering, de Ratoe Adil, de rechtvaardige vorst, geboren in Turkije, en voorspeld door de Djajabaja, een ziener uit het jaar 800 van de Javaanse jaartelling. Aldus suggereerden de kiais aan Westerling zijn beweging de naam te geven van het "Indonesische Legioen van de Rechtvaardige VoWesterling echtgenote en kinderenrst, Ratoe Adil Persatoean Indonesia" (R.A.P.I.); de gewapende macht van dit legioen diende dan de naam te dragen van "Angkatan Perang Ratoe Adil" (A.P.R.A.).  Aldus toog Westerling aan het werk: opnieuw, net als indertijd op Celebes, gebruikte hij de terroristen om de terreur te bestrijden en confronteerde hij de bendeleden in hun schuilplaatsen. Hij haalde hen over zich aan te sluiten bij A.P.R.A. en de rechten van Pasoendan te verdedigen. 

Binnen twee maanden was de R.A.P.I. aangegroeid tot een groot leger, samengesteld uit mensen uit achttien religies en politieke partijen, waaronder manschappen van het Republikeinse leger, dissidente Republikeinen en bataljons van de Daroel Islams (dissidente Mohammedaanse beweging). Nederland stemde op 7 mei 1949 in met de Van Roijen-Roem Overeenkomsten, die inhielden dat de leden van de gearresteerde Republikeinse regering werden vrijgelaten en terug konden keren naar hun dagelijkse bezigheden. Nederland accepteerde hen nu als geprefereerde gesprekspartner en liet de federale staten en autonome gebieden als een baksteen vallen. 

Intussen zonden delegaties uit Sumatra, Java en andere eilanden telegrammen naar de U.N.C.I., aan de Minister van de Overzeese Gebiedsdelen en aan de Voorzitter van de Tweede Kamer, waarin onder meer stond dat voor het sluiten van de overeenkomst de delegaties niet waren geraadpleegd en geen rekening werd gehouden met de belangen van hun eiland. Nederland echter hield, mede op instignatie van Soekarno en Hatta, alles wat de Van Roem-Royen Overeenkomsten betrof geheim en verdraaide of zweeg alles dood wat deze kwestie betrof.  

Bewegingen der politiek

Nu verloren de federalisten ieder vertrouwen in de Nederlandse Regering; binnen drie weken na ondertekening van het akoord overleed Spoor. Velen dachten aan vergiftiging. Hij werd vervangen door generaal D.C. Buurman van Vreeden, die voorstander was van een snelle onafhankelijkheid, waarbij de macht werd overgedragen aan Soekarno en de Republiek.Westerling interview parijs R.A.P.I intussen had miljoenen voorstanders rond zich verzameld en de A.P.R.A. telde inmiddels 22.000 leden, lokaal georganiseerd in milities. West-Java was volledig onder controle met een semi-militair bestuur in iedere residentie, regentschap of dessa, met als taak de wettige staat Pasoean bij te staan haar status en rechten te beschermen en te verdedigen. 

Omdat dit de Republikeinse regering van Soekarno en daarmee de Nederlandse regering verontrustte werd Westerling middels een bezoekje van generaal Van Langen, stafchef, op de hoogte gebracht van de wensen van generaal Buurman van Vreede. Deze garandeerde Westerling de veiligheid van de inwoners van Pasoean, een belofte die hij nooit zou kunnenWesterling op terras houden. Op 21 december 1949 werd ingestemd met de souvereiniteitsoverdracht in de Tweede Kamer. Alle petities en smeekbeden van de federalisten, waaronder Ambon, Timor en de Minahassa werden genegeerd en als onbelangrijk ter zijde geschoven. Op 27 december volgde de formele souvereiniteitsoverdracht. Koningin Juliana stuurde dezelfde dag het doodvonnis van miljoenen federalisten, in de vorm van een telegram, aan president Soekarno. Alle leiders der staten  kregen dreigbrieven met de strekking "sluit u aan bij de republiek - denk om de veiligheid van uw vrouwen en kinderen."

Een dag later begon het offensief om de Federale Staten te vellen. Al voor de soevereiniteitsoverdracht had Soekarno de goed bewapende Siliwangi-divisie naar Bandoeng, hoofdstad van Pasoendan, gezonden. Op 5 januari 1950 zond Westerling een telegram met een ultimatum aan de Republikeinse regering in Djakarta, waarin hij  het onvoorwaardelijk respecteren van de autonomie van de Federale Staten, zoals voorzien in de grondwet, eiste, het stopzetten der terroristische acties en de vorming van een gemilitariseerde federale politie ter aanvulling van de veiligheidsbataljons. 

De A.P.R.A.-staatsgreep

Toen het ulltimatum afliep en twee Ministers van Pasoendan door de Republiek waren gegijzeld werd er een federaal politiek bestuur gevormd teneinde de Republikeinse regering te kunnen opvolgen; Tweede luitenant KNIL, actief tegen de bezettingsmacht van de Japanners (zijn hele faWesterling hasngt was opmilie werd door hen vermoord), en sultan van Pontianac Hamid II zat dit bestuur  voor. Een andere lid was Agung Gde Agung, zoon van de radja van Bali. Maar de beweging A.P.R.A. kende meer prominente mensen, zoals voormalige leden van de T.N.I, onder leiding van luitenant-kolonel Rappard, en persoonlijkheden uit de P.S.I.I. Het moment van de staatsgreep werd gesteld in de nacht van 22 op 23 januari 1950.

Westerling intussen diende diverse moeilijkheden, zowel politiek als strategisch, het hoofd te bieden om zijn plan te doen slagen: het gelijktijdig aanvallen van Djakarta en Bandoeng.  Nadat hij zich verzekerd had van de steun van vrienden (onder meer om aan wapens te komen) besloot hij tot de bezetting van Djakarta, in de nacht van 21 op 22 januari 1950,  door A.P.R.A. troepen, commandant Rappard, die de stad zouden infiltreren. Een konvooi met wapens uit Batoedjadjar en Bandoeng diende dan naar de driesprong Padalarang te worden gebracht, waar Westerling het op zou wachten en naar Djakarta zou brengen. 

In de morgen van maandag 23 januari zouden de A.P.R.A.-troepen ook in Bandoeng toeslaan; aldaar zou men zich meester maken van de stad en de uitrusting van de Siliwang-divisie. Te Djakarta wilde men de leden van de Republikeinse regering gevangen nemen en alle vitale objecten bezetten. Na de bezetting en zuivering van de steden zou te Djakarta een tijdelijk federaal politiek bestuur worden ingesteld en te Bandoeng de onafhankelijkheid van de staat Pasoendan door de Wali Negura Wiranatakoesoema worden uitgeroepen. 

Operatie "Hak"

De aanval op Bandoeng, die om 5 uur 's morgens werd ingezet, door een legergroep van 500 man en een paar secties van het KNIL, liep iets buiten Tjimahi vast op het gemotoriseerde korps van de Silvanghi-divisie. De kleine eenheid wist echter de overmacht het hoofd te bieden en door te stoten naar Bandoeng. Inmiddels stond Westerling om 11 uur 's avonds op de 22ste januKinderen Westerlingari op de afgesproken plaats op de weg van Bandoeng naar Djakarta op de auto's met wapens te wachten. Een verkenner wist hem te melden dat de zaak verraden was.

Tijdens het inladen van de drie wagens, bestemd voor het wapentransport, in Batoedjadjar (het KNIL-depot) nam een kapitein, die niet op de hoogte was, direct contact op met de commandant van de 7 December Divisie, generaal-majoor Engles, die Sadikin, commandant van de Siliwangi-divisie, inlichtte. Westerling besloot toch door te stoten naar Djakarta en wist door een list een versperring van de T.N.I te passeren. 

De commissaris van het hoofdbureau aldaar, waar Westerling wapens wilde halen, had hem echter verraden. Nu moest hij de operatie wel afgelasten daar het nieuws over Bandoeng ook Djakarta inmiddels bereikt had. Intussen nam Soekarno wraak op de actie door luitenant-kolonel Rappard neer te schieten, hoewel deze nog enige T.N.I.-strijders met zich mee wist te nemen. Omdat er een arrestatiebevel van Soekarno tegen Westerling liep was hij genoodzaakt, met de steun van vrienden, naar elders te vertrekken. 

Reis naar Europa

Op 23 februari 1950 vertrok Westerling per Catalina vanuit de haven van Tandjong Priok naar Maleisië. Aldaar werd hij met een rubber bootje, dat opzettelijk lek gemaakt was, afgezet op enige kilometers van de kust. Doordat er een Chinese jonk in de buurt voer wist hij aan een lot als maaltijd van een haai te ontkomen. Eenmaal aan wal en met valse papieren (onder de naam Ruitenbeek)  reisde Westerling naar Singapore, Westerling in Brusselwaar hij na een verblijf van een aantal dagen gearresteerd werd door leden van de Criminal Investigation Department - special branche. Hij was waarschijnlijk verraden door hoofdofficieren van de Generale Staf te Batavia.

Westerling werd door de Engelse autoriteiten veroordeeld tot twee maanden gevangenisstraf en opgesloten in de gevangenis van Changi. Uiteindelijk vond een verlenging van deze opsluiting met vier maanden plaats, waarna hij door de Engelse autoriteiten werd uitgewezen.  Onder een zware politie-escorte werd Westerling naar het vliegveld van Singapore gebracht en op een vliegtuig naar Nederland gezet. Aldaar stond de regering al klaar met een arrestatiebevel wegens "het aanzetten van soldaten tot rebellie". Te Cairo ontsnapte Westerling echter aan zijn cipiers en nam zelfstandig het vliegtuig naar Brussel.

Aldaar werd hij benaderd door een lid van de Zuid-Molukse regering, die hem vroeg de leiding van de guerrillastrijd in Ceram op zich te nemen. Na enige omzwervingen via Frankrijk, Tanger, Marokko en opnieuw Frankrijk eindigde Westerlings reis uiteindelijk in Duitsland. Begin 1952 keerde hij illegaal naar Nederland terug, waar hij werd gearresteerd maar direct weer vrijgelaten. De zaak tegen hem werd pas op 5 januari 1955 definitief geseponeerd.  De Nederlandse regering wist te bewerkstelligen dat Westerling bij enige bevriende staten tot persona non grata werd verklaard waardoor hij zijn moeder in Turkije niet meer bezoeken kon toen deze ernstig ziek werd. 

Westerling was later in zijn leven onder meer werkzaam als operazanger en mede-eigenaar van een Indisch antiquariaat.

De oorlog in Vietnam

Tijdens de Vietnamoorlog vroeg de Amerikaanse oliemagnaat Frank Baumgartner, indertijd de financier van de campagne van senator Barry Goldwater, Westerling om advies. Westerling stelde toen voor om in plaats van bombardementen op Noord-Vietnam uit te voeren een vloot B 52's naar de regio te zenden. Door enorme hoeveelheden parachutes met zakken rijst te boven het land te dumpen zouden de communisten in actie moeten komen en de uitdeling aan de bevolking verhinderen, waardoor een wig tussen bevolking en Communistische Partij zou ontstaan. Westerling raadde af bommen te werpen omdat dit de bevolking in de armen van de communisten zou drijven.

Controverse met Loe de Jong

In een interview (1983) zei Westerling dat hij op Zuid-Celebes ongeveer tweehonder mensen had doodgeschoten. "Het ging om personen die een hele kampong met gruwelijk geweld dwongen tot saboreren. Criminelen die de  buik opensneden van zwangere vrouwen om daarmee de bevolking angst aan te jagen. Ik heb niemand die onschuldig was doodgeschoten. Het hoofd van de geschiedkundige sectie van de Indonesische strijdkrachten, Dr. M. Natsir, schreef in 1977 over de verhalen dat er duizenden mensen door Westerling zouden zijn geëxecuteerd dat dit slechts propagandafabeltjes waren geweest om sympathie voor de onafhankelijkheidsstrijd te wekken.

In de dagen voorafgaande aan zijn dood was Westerling bezig een rechtzaak voor te bereiden tegen Loe de Jong. In diens dan laatste werk, conceptBegrafemos estero hoofdstuk 7, beschuldigde De Jong namelijk de Nederlandse strijdkrachten van oorlogsmisdaden in voormalig Nederlands-Indië en werd Westerling als een niets en niemand ontziend militair afgeschilderd.

Over deze kwestie sprak Westerling de dag voor zijn dood met journalist Jos Hagers van de Telegraaf: "Het is natuurlijk ronduit schandalig dat een historicus, die op kosten van de regering een boek over de oorlog schrijft, dat doet zonder met de personen te praten die rechtstreeks bij de gebeurtenissen van toen betrokken waren. Daarmee doet De Jong vooral de Nederlandse militairen die in de roerige dagen van de Politionele Acties zijn gesneuveld groot onrecht aan".

Westerling werd niet alleen door Loe de Jong maar ook in televisieprogramma's belasterd. Luitenant-kolonel Dirk Verbrugge, indertijd commandant van het Korps Commando Troepen, zei dat Westerling in deze uitzendingen meer verweten werd dan indertijd door zijn tegenstanders in Nederlands-Indië. De vroegere adjudant van Westerling, J.H.C. Ulrici, stelde dat De Jong Westerling kapot had gemaakt door deze op smerige wijze te bekladden. Verder zei Ulrici: "Westerling was geen moordenaar. De echte moordenaars waren de Rode Jakhalzen in Den Haag, die Nederlandse militairen met slechte wapens de rimboe instuurden."

De weduwe van generaal Simon Spoor, opperbevelhebber der Nederlandse Strijdkrachten in Nederlands-Indië, noemde het stijlloos dat de AVRO een discussieprogramma over de door De Jong beschreven gebeurtenissen in verband met Westerlings overlijden niet uitstelde. Professor Dr. Bastiaans, die veel met oud-militairen en oorlogsslachtoffer behandelde,  stelde naar aanleiding van alle commotie dat het dringend noodzakelijk was dat de Regering meer rekening hield met de grote psychische schade die door omstreden geschiedschrijving zou kunnen ontstaan. 

Overlijden en begrafenis

Westerling overleed op 26 november 1987 op 68-jarige leeftijd in zijn slaap aan een hartstilstand. Hij werd op dinsdag 1 december om 12.00  uur, met zijn commandopet, begraven op de Oosterbegraafplaats in Amsterdam. Honderden oud-commando's, oud-strijders en vertegenwoordigers van het Molukse verzet begeleidden hem naar zijn rustplaats. De begrafenis liep uiteindelijk uit op een massaal protest tegen de geschiedschrijving van Loe de Jong.

Ter verdediging van Westerling

Westerling werd naar aanleiding van zijn acties op Celebes door mensen uitgemaakt voor bloeddorstige moordenaar, die de bevolking van Celebes te vuur en te zwaard bestreden had. In de tijd van de pacificatie van Celebes verloren 600 terroristen en 3 commando's het leven. Volgens de Republikeinen op Java waren dit er echter 15.000. Later werden in radiouitzendingen aantallen van 20.000, 30.000 en zelfs 42.000 genoWesterling grafemd. "Door de 600 man op te offeren, die daadwerkelijk het leven lieten,  werden de levens van tienduizenden mensen gespaard. De personen die werden gedood waren misdadigers, zij die werden gespaard onschuldig", aldus verklaarde Westerling

Het aantal van 600 doden was het getal waar Westerling persoonlijk verantwoordelijk voor was. De overige doden (in totaal 3.000-4.000) waren het gevolg van acties van anderen, zoals de veldtochten van officieren of, de grootste categorie, de acties van inlanders, die zichzelf verdedigden tegen de Javanen of die voortvloeiden uit de executies die door de dorpsraden zelf werden gelast. De grote aantallen doden waarvan Westerling werd beschuldig, en die door (Republikeinse)  terroristen  waren begaan, werden in de Verenigde Naties, te Lake Success,  door de Republikeinen aan Westerling toegeschreven.

Zij hadden hiermee mede succes omdat de grote Westerse mogendheden en de Sovjet-delegatie hevig gekant waren tegen de terugkeer van de Nederlanders naar hun vroegere kolonie. Generaal Spoor zond naar gouverneur-generaal Van Mook een rapport waarin de acties van Westerling volkomen werden gerechtvaardigd maar deze werd niet gepubliceerd. Ook een positief rapport van de Commissie van Onderzoek werd niet openbaar gemaakt. 

Anderen over Westerling

  • "Een man die ik wil bestempelen als een der beste commmandanten in het veld. Altijd bezorgd voor zijn eigen jongens en met liefde voor het Indonesische volk. Lieve oorlogen bestonden voor Westerling niet. Gehard als commando begreep hij dat hij op de eerste plaats de vijand moest verslaan en verantwoordelijk was voor zijn eigen mensen. Hij zal blijven voortleven als de 'Witte Vorst" voor vele Indonesiërs en als de "Panter" die plotseling opdook voor zijn vijanden. - Th. Kappers.
  • "Waar onrust was trachtte hij aan de weet te komen wie de veroorzaker was en ging er 's nachts alleen op uit om deze uit te schakelen. Hij had grote persoonlijke moed en was bereid zelf grote risico's te lopen."

Zie ook


 

 

f t