91019dfb1d62c1ca7c2434a5b823de8cb3b6ec4082db9886d67af4428b271401


Vroege loopbaan

Van Langen, geboren op 17 mei 1898 te Magelang, slaagde in juni 1916 voor de HBS en werd in september van dat jaar toegelaten aan de Koninklijke Militaire Academie afdeling infanterie voor Nederlands-Indië. In oktober 1918 werd hij aldaar bevorderd van cadet-sergeant tot cadet-vaandrig.  In juli  1919 voldeed hij aan het examen voor tweede–luitenant en vertrok op 13 september met het stoomschip Patria naar Nederlands-Indië.

Aldaar was hij inmiddels tot eerste luitenant bevorderd, werd hij geplaatst bij het zestiende bataljon te Me61b5800a2b81a4277431c5e7e50b593bf2d1a631cef3cadfb810f65df66437f1ester Cornelis en verloofde hij zich op 25 oktober 1920 met Mary Jentink.

Hij trouwde echter op 17 juni 1924 met Annie Bartelds (dochter van kolonel van het KNIL A.K.C. Bartelds), met wie hij zich in november 1922 verloofd had. Hij werd overgeplaatst naar het garnizoensbataljon van Palembang en Djambi en in april 1927 overgeplaatst naar het eerste depotbataljon te Bandoeng.

In september 1927 kreeg hij wegens acht jaar onafgebroken dienst in Nederlands-Indië per 1 september een 10 maanden durend verlof naar Europa. Het verlof werd later echter ingetrokken. Op 8 maart 1928 deed Van Langen te Bandoeng examen voor de Hogere Krijgsschool. Hij voldeed aan de eisen en werd toegelaten tot krijgskundige studie te Den Haag.

Met ingang van 1 november 1928 werd hij voor de duur van drie jaar aan de Hogere Krijgsschool gedetacheerd; hij reisde naar Nederland met de Slamat en werd van de 21ste mei tot de 3de juni 1929 gedetacheerd bij de Normaal Schietschool en van 3 tot 8 juni in de Harskamp tot het volgen van een cursus in de behandeling van de zware mitrailleur en de mortier van 8.

Van 16 tot en met 21 september volgde hij een gascursus bij de militaire gasschool te Utrecht. Met ingang van 3 augustus 1930 werd hij bevorderd tot kapitein en in september van dat jaar gedetacheerd bij het regiment wielrijders.

Latere loopbaan

Op 30 september 1931 keerde hij naar Indië terug en werd aldaar bij aankomst gedetacheerd bij het hoofdkantoor van de generale staf en ingedeel3a1de63dec7cb7ffa959c9ea324668ee016cfaff41c59553b7c4dfea9953b90dd bij het subsistentenkader te Bandoeng. In maart 1932 werd hij overplaatst naar het garnizoensbataljon in de Zuider en Oosterafdeling van Borneo en gedetacheerd te Balikpapan (als detachementscommandant)  en in oktober 1934 weer teruggeplaatst naar het subsistentenkader te Bandoeng en ter beschikking gesteld van de inspecteur der infantrie.

Hij werd geplaatst bij de generale staf aldaar en maakte in mei 1936 deel uit van de commissie, belast met het afnemen van het rangschikkingsonderzoek voor toelating tot de Koninklijke Militaire Academie.

Van Langen werd in de plaats van luitenant-kolonel R.Th. Overakker gedetacheerd bij de zesde afdeling van het Ministerie van Koloniën in Den Haag, vertrok op 13 januari 1937 met de Johan de Witt naar Nederland en ging wonen aan het Eiberplein 4 in Den Haag.

In september 1938 werd hij als adjudant toegevoegd aan de pangerangs, die in het KNIL officiersfuncties bekleedden en een studiereis naar Nederland maakten. Onder begeleiding van onder meer Van Langen bezochten zij de Marine in Den Helder. Met ingang van 30 maart 1940 werd Van Langen bevorderd tot majoor en tijdens de Tweede Wereldoorlog vertoefde hij in krijgsgevangenschap, onder meer in Juliusberg, Colditz, Stanislau en Neu Brandenburg. Eind mei 1945 keerde hij terug naar Nederland.

Politionele Acties

Na de oorlog keerde hij in de rang van luitenant kolonel  terug naar Indië, waar hij geplaatst werd bij de staf van admiraal Helfrich en belast met de uitzending van de Nederlandse troepen. In februari 1946 vertrok hij naar Malakka en werd aldaar, in de rang van luitenant kolonel, per 1 juni 1946 benoemd tot territoriaal tevens troepencommandant van Midden-Java, Djokjakarta en Soerakarta.

In deze tijd werd er stevig gevochten en probeerde Van Langen contact te krijgen met de Indonesische kolonel Soenarto bij Semarang. Hij schreef in een communiqué in het Semarangsche tijdschrift "Het Midden" dat teneinde onnodig bloedvergieten te voorkomen hij zich verplicht zag een demarcatielijn  tussen het door de Nederlanders bezette gebied enLangen8 dat der Indonesiers te bepalen. Bij Koninklijk Besluit van 27 augustus 1947 werd hij benoemd tot officier in de Orde van Oranje Nassau met de Zwaarden.

Van Langen was later (vanaf 16 februari 1946) commandant van de T-brigade (Tijgerbrigade) en zijn troepen brachten onder zijn leiding de verbinding over de weg met Djokja tot stand. Met ingang van 1 juni 1948 werd het troepenondercommando, tevens territoriale ondercommando, Semarang opgeheven en werd het onder dit commando vallende gebied samengesmolten met dat der T-brigade tot één commando, zodat de gehele residentie Semarang weer onder een eenhoofdige militaire leiding stond en één territoriaal gebied vormde onder leiding van Van Langen. Op 19 december 1948 voerde Van Langen het bevel over de troepen die gedurende enige tijd de stad Djokja bezet hielden.

In juli 1949 werd Van Langen bevorderd tot generaal majoor, benoemd tot chef Generale Staf bij het A.H.T. en door de Koningin ontvangen op Paleis Soestdijk; hij was ook in Nederland omdat hij zitting had in de militaire commissie der R.T.C. Nadat hij teruggekeerd was naar Indië was hij in de functie van militair commandant van Djokja aanwezig bij de terugtrekking der Nederlandse troepen, onder meer in het zuidwestelijke gedeelte van Djokjakarta. De broer van Van Langen was majoor der infanterie van het KNIL F.H.A. van Langen.

Hij overleed plotseling in november 1949, terwijl hij bezig was op de krijgskundige sectie van de Generale Staf en werd begraven op het Ereveld Pandu. 

Loopbaan in Nederland

Van Langen werd in juli 1949 benoemd tot chef Generale Staf bij het A.H.K., als opvolger van generaal D.C. Buurman van Vreeden en nam onder meer deel aan de Ronde Tafel Conferentie. Hij werd bij Koninklijk Besluit van juli 1950 benoemd tot ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Langen9Bij Koninklijk Besluit van 9 december 1949 was Van Langen al begiftigd met de Bronzen Leeuw (bij hetzelfde besluit verkreeg ook luitenant kolonel Musch de Bronzen Leeuw).

Samen met Buurman van Vreede vloog Van Langen, na eerst Soekarno bezocht te hebben, in juli 1950 terug naar Nederland. Bij het opheffen van het KNIL werd hij gepensioneerd en in 1951 belast met de functie van rijksinspecteur voor de bescherming van de bevolking in de provincie Overijssel en Gelderland.

Bij Koninklijk Besluit van november 1952 werd Van Langen per 16 november benoemd tot hoofdinspecteur van het brandweerwezen. Hij had zich inmiddels te Den Haag gevestigd. Hij was daarnaast actief als algemeen adviseur van het Veteranenlegioen Nederland en erevoorzitter van het actiecomité voor het St. Elisabethziekenhuis te Semarang, dat in 1952 25 jaar bestond.

Van Langen verkreeg met ingang van 16 augustus 1961 eervol ontslag uit zijn functie als inspecteur van het brandweerwezen, onder dankbetuiging voor de door hem bewezen diensten. Hij werd in zijn functie opgevolgd door kolonel C. ter Poorten, vestigde zich te Doorn en overleed aldaar op 20 januari 1983.

Anderen over kolonel Van Langen

  • Kolonel van Langen is de grote man achter de T-Brigade. Een kundig en onkreukbaar aanvoerder, maar ook een humaan mens die alles doet en deed voor zijn jongens wat hij kon doen. Een van die aanvoerders die meer van zijn mensen gedaan kon krijgen dan redelijkerwijs kon worden verwacht. Nooit was hem iets teveel voor de mannen van de T-Brigade maar nooit ook was de mannen van de T-Brigade iets teveel  voor hun aanvoerder, voor hun kolonel (bron: De grote man van de T Brigade. In: De Locomotief, 22 juni 1949).
  • Er is een boek verschenen over Van Langen, geschreven door diens kleinzoon: Hans Goedkoop. De laatste man. Atlas Contact. ISBN 9789045705743.
  • Het boek van A.M. Brouwer, uitgegeven in 1948, Tussen sawahs en bergen. Het leven van een soldaat in de Tijger Brigade, behandelt de periode dat Van Langen daar werkzaam was.

Bronvermelding

  • Provinciale berichten. Eindexamen HBS.  In: Nieuwe Tilburgse Courant, 20 juli 1916
  • Koninklijke Militaire Academie. In: Algemeen Handelsblad, 3 september 1916
  • Koninklijke Militaire Academie. In: Algemeen Handelsblad, 16 oktober 1918
  • Land –en zeemacht. In: De Tijd, 5 juli 1919
  • Onze Oost. In: Algemeen Handelsblad, 19 november 1919
  • Militair Department. In: Het Nieuws van de Dag voor Nederlands-Indië, 11 november 1919
  • Militaria. In: Het Nieuws van de Dag voor Nederlands-Indië, 11 november 1919
  • Infanterie mutaties. In: Bataviaasch Nieuwsblad, 9 april 1927
  • Militaria. De Indische Courant, 15 september 1927
  • Examen Hogere Krijgsschool. In: De Indische Courant, 25 januari 1928
  • Land en Zeemacht. In: Het Vaderland, 17 mei 1929
  • Departement van Oorlog. In: Het Vaderland, 16 september 1930
  • Van de HKS terug. In: De Indische Courant, 23 september 1931
  • Militair Department. In: Het Nieuws van de Dag voor Nederlands-Indië
  • Infanterie. Bataviaasch Handelsblad, 9 oktober 1934
  • Leger en vloot. De Indische Courant, 7 mei 1936
  • Mutaties bij de Generale Staf. In: De Indische Courant, 15 januari 1937
  • Een militaire studiereis van pangerangs. In: Het Vaderland, 23 september 1938
  • Bevorderd. Soerabajaasch Dagblad, 20 maart 1940
  • Troepencommando's. In: Het Dagblad, 22 mei 1946
  • Er wordt toch nog gevochten. In: Het Vrije Volk, 27 november 1946
  • Geen vermindering der troepen. In: De Tijd, 27 november 1946
  • Officier in de Orde van Oranje Nassau. In: De Locomotief, 2 september 1947
  • Troepencommando Semarang. In: De Locomotief, 1 juni 1948
  • Audientie ten paleize. In: De Tijd, 30 september 1949
  • Wonosari wordt ontruimd. In: De Locomotief, 25 juni 1949
  • Kolonel van Langen chef generale staf. In: De Locomotief, 19 juli 1949
  • Buurman van Vreede vertrokken. In: de Java Bode, 26 juli 1950
  • D.R.A. van Langen bij brandweerwezen. In: De Vrije Pers, 20 november 1952
  • Veteranenlegioen. Leeuwarder Courant, 23 mei 1952

[ Terug

f t