Velthuis als Marinier


Zie ook het fotoalbum


Inleiding

Cris Velthuis (14 maart 1931) werd in Boertange geboren als zoon van een landarbeider, die daarnaast werkzaam was als turfsteker. Zijn ouders kregen in totaal tien kinderen, waarvan twee de leeftijd der volwassenheid niet bereikten. Velthuis volgde gedurende acht jaar de lagere school en werkte hierna anderhalf jaar bij een textielbedrijf in Den Haag. Omdat zijn zwagOuders van Velthuis2er indertijd het beroep van Marinier uitoefende besloot de jonge Velthuis zich ook aan te melden, hoewel zijn vader ernstige bezwaren hiertegen had.

In april 1950 vertrok hij op zijn verzoek met de Waterman richting de Nederlandse Oost, waar hij eerst gedurende 6 maanden wacht liep bij het radiostation van Soerabaja en toen bij de militaire politie overgeplaatst werd. Het Korps Militaire Politie werd na de capitulatie van Japan opgericht. Na de aankomst van twee compagnieën Koninklijke Marechaussee van de 1e (C) Divisie "7 December" (DMC 1 en 2) bepaalde de Legercommandant dat de Koninklijke Marine met het Korps MP zouden worden samengevoegd met behoud van het korps. De officiele benaming van deze samengevoegde onderdelen was het Korps Militaire Politie/Koninklijke Marechaussee, met als oprichtingsdatum 14 augustus 1946.

Werkzaamheden in de Oost

In de beginmaanden van 1950 heerste er een explosieve stemming in en rond Soerabaja, waar Velthuis geplaatst was, en moest er aldus met grote voorzichtigheid opgetreden worden. In november 1950, nog steeds in Soerabaja, meldde VelBij de militaire politie 2thuis zich aan voor de missie naar Korea maar deze uitzending ging niet door omdat er op dat moment geen Mariniers die kant opgestuurd werden.

Samen met acht andere Mariniers werd hij in plaats daarvan op een oud schip van de Koninklijke Paketvaart Maartschappij geplaatst, dat naar Manokwari, op Nieuw-Guinea, gezonden werd. Hij en zijn makkers ontvingen de benodigde opleiding op het schip en werden, eenmaal op Nieuw-Guinea aangekomen, van Manokwari naar Biak vervoerd, deels de thuisbasis van de Marinierscompagnie. Aldaar was een der taken infiltraties van Indonesische militairen te voorkomen. De andere waren het handhaven van rust en orde en het verlenen van militaire bijstand aan de politie.

Nederlands Nieuw-Guinea en latere loopbaan

Biak bestond indertijd uit een aantal geheel verrotte barakken, die niet waren voorzien van electriciteit of stromend water. Een van dVelthuis en zijn dienstmakkerse taken van Velthuis tijdens de veertien maanden die hij op Nieuw-Guinea doorbracht was, naast die van chauffeur, het verzorgen van het transport van de fourage naar het vliegveld, waarvan de Catalina's van het 321 Squadron hun vluchten maakten.

De Mariniers knutselden, naast hun gewone taken, een primitieve bioscoop in elkaar, waarbij de zitplaatsen werden gemaakt uit tweehonderd liter benzineblikken. Velthuis keerde nDecoraties2aar Nederland terug en werd op diverse locaties ingezet, zoals te Doorn, in Rotterdam, op Texel en het Marineopleidingskamp te Hilversum.

Hij verliet in 1954 de actieve dienst maar was tussen 1954 en 1960 nog wel oproepbaar als reserve-korporaal. Velthuis verkreeg in 1960 uiteindelijk eervol ontslag uit de militaire dienst. Hierna vond hij werk bij de Nederlandse Busmaatschappij, waar hij tien jaar werkte en vervolgens koos hij voor een loopbaan als directiechauffeur bij Ceteco.  


Velthuis op 9 juni 2018 in gesprek met Frits Ahlrichs over de Tweede Wereldoorlog


Bronvermelding


 

[ Terug

f t