Luden overleden


Mijnexplosie, waarbij vijf manschappen van de Koninklijke Marine omkwamen

Vier man marinepersoneel en luitenant-ter-zee tweede klasse J.M. Luden (waarnemend commandant van de Triton) waren op 19 januari 1915 in een marinesloep op de Schelde bij Breskens aan het werk. De sloep behoorde bij de mijnenlegger TritonMijnenlegger Triton

De sloep vertrok omstreeks half een om mijnen, die door een storm waren losgeslagen, te lichten. Deze mijnen dienden ter bescherming van de haven van Vlissingen. Ter hoogte van Nieuwesluis stootte de barkas op een van de losgeslagen mijnen.

Er volgde een enorme explosie, die de sloep direct deed zinken. De vijf marinemannen, luitenant-ter-zee J.M. Luden, korporaal-torpedist B.J. de Jager, zeemilicien L. Reeman, machinedrijver J.M. Grijpvoort en zeemilicien A.L.C. van den Elshout kwamen hierbij om het leven.

Vanuit Vlissingen verzocht men telefonisch om hulp en werd een torpedoboot naar de plaats van de ramp gezonden. De stoffelijke overschotten, althans die men vinden kon, werden met het schip, dat de vlag halfstok droeg, naar Vlissingen teruggebracht. 

Begrafenissen van Luden en de overige manschappen

Luden werd onder grote belangstelling ter aarde besteld op de Algemene Begraafplaats in Bussum. Hierbij waren vele militaire en burgerlijke autoriteiten aanwezig en voerdenLuden zeven personen het woord. 

Onder de militaire autoriteiten bevond zich vice-admiraal F. Tydeman. De persoonlijkheid van Luden werd gehuldigd als "een uitnemend officier, een nobele collega en een rechtschapen superieur."

Het stoffelijk overschot van matroos Reeman werd in Vlissingen begraven, maar de lichamen van Grijpvoort, De Jager en Van den Elshout had men niet meer terug kunnen vinden. De Koninklijke Familie zond, naar aanleiding van deze ramp, de Koninklijke Marine haar condoleances. 

Levensloop luitenant-ter-zee J.M. Luden

Johannes Maurits Luden (6 januari 1890 - 19 januari 1915) werd met ingang van 4 september 1906 benoemd tot adelborst der derde klasse aan het Koninklijk Instituut voor de Marine te Willemsoord, met bestemming zeedienst. Luden overlijdenskaart Tot zijn jaargenoten behoorde de later met Hr. Ms. De Ruyter tijdens de strijd in de Java-zee omgekomen kapitein-ter-zee K.W.F.M. Doorman.

Het jaar daarop nam Luden deel aan de De Ruyterfeesten in Nieuwediep en halverwege december 1907 werd hij bevorderd tot korporaal-adelborst. In februari 1911, inmiddels benoemd tot adelborst der eerste klasse, plaatste men hem op Hr. Ms. pantserschip De Zeven Provinciën, onder commando van kapitein-ter-zee F. Bauduin.

Het pantserschip was bestemd om deel uit te maken van het Nederlandse Eskader in Indië en aangewezen als Vlaggenschip. Begin 1913 werd Luden, inmiddels (24 augustus 1912) benoemd tot luitenant-ter-zee tweede klasse, overgeplaatst van de De Zeven Provinciën op De Holland.

Met ingang van 3 april 1914, inmiddels per particulier vervoer teruggekeerd naar Nederland, kreeg hij het commando op instructieschip Van Galen, met Hellevoetsluis als standplaats aangeboden. Deze plaatsing werd echter ingetrokken, Luden eerst op non-activiteit gesteld en vervolgens benoemd tot waarnemend commandant van de Triton.  In deze positie vond het ongeluk op 19 januari 1915 plaats. 


 

f t