• Vestingartillerie

  • Zr.Ms Celebes in gevecht met een Kota Mara (1859)

  • Zr Ms Karel Doorman en Zr Ms Willem vd Zaan

  • Neptunusdiploma

  • Citadel van Antwerpen

  • Lanciers de la Garde Imperiale (Hollanders)

First in


Erik Jellema (redactie: Christ Klep). First in. De ervaringen van de commandant Bravo-compagnie Dutchbat-1 in Srebrenica. SDU Uitgevers. Den Haag. 1996. 205 bladzijden.


Bespreking

Inleiding

In het voorwoord van First in  schrijft kolonel der Grenadiers C.H.P. Vermeulen dat Jellema de ideale persoon is om een verslag te schrijven over de verrichtingen van de Bravo-compDSC01784 Overdracht Srebrenica 3 maart 1994agnie.  Dat is volgens hem niet alleen omdat Jellema de commandant was maar ook doordat deze een grote voorliefde voor de kennis der geschiedenis heeft. Het is in die zin dus jammer dat Jellema (helaas!) in 1996, toen het boek geschreven werd, niet het zelfvertrouwen had om zonder de redactievaardigheden van Christ Klep, dan lid van de sectie Militaire Geschiedenis KL, geheel zelfstandig dit project af te ronden.

In dat geval was de lezer waarschijnlijk verschoond gebleven van zowel de niet erg aantrekkelijke titel van het boek, die de fraaie inhoud min of meer versluiert, als van de slecht geschreven introductie, die waarschijnlijk voorkomen heeft dat veel niet militair of historisch geschoolde lezers verder dan de eerste tien bladzijden gelezen hebben. Het lijkt of Klep in zijn introductie niet kon kiezen voor wie hij nu schreef, voor een publiek van louter militairen of voor (geëngageerde) historici. Ons lijkt, na lezing van de tekst  van Jellema, dat deze goed geschreven proza ook voor de geïnteresseerde leek zeer interessant is.

Begin van Jellema's verhaal

In het begin van het boek schrijft Jellema dat hij zijn boek vooral geschreven heeft uit een behoefte tot kennisoverdracht en tot steun voor anderen, voor een juiste beeldvorming van de beschreven missie en uit ergernis, voortkomend uit de ongestructureerde en onvruchtbare wijze van opereren van het bureau Lessons Learned. Jellema gaat vervolgens over tot de beschrijving van de activiteiten ter voorbereiding van de missie, die in Nederland, Frankrijk en Duitsland plaatsvinden.

Hij doet dit in een vlotte stijl, waarbij hij niet de fout begaat het jargon al als bekend te veronderstellen. Doordat  hij schrijft wat hij denkt en voelt maakt hij zijn verhaal persoonlijk, zodat de lezer zich bij hem en zijn bezigheden betrokken gaat voelen. Jellema geeft (bladzijde 42) een voor de leek zeer interessant resumé van de consideraties inzake de precieze rol, met name de autorisaties, van de Unprofor-militair (wanneer bijvoorbeeld geweld gebruikt mag worden; dit is interessant vanwege het latere verloop van de missie in Serebrenica).

Deze overwegingen zijn een belangrijk onderdeel in de keuze voor en afkeuring van bepaalde militaire voertuigen en wapens en Jellema weet de moeilijkheden die deze politieke beslissingen de uitvoerend militair oplevert beeldend te beschrijven.

Activiteiten in Bosnië

De Bravo-compagnie vertrekt al snel na de laatste oefening in Hohenfels naar Bosnië, waar men vrijwel direct geconfronteerd wordt met de keuze voor de bestemming, die DSC01610 Jellema in gesprek met Bataljonscommandant Chris Vermeulenmen eerder nog vanwege de onzekere bevoorradingswegen als "no go" optie bestempelde: de enclaves Srebrenica en Zepa (bladzijde 57). Hier stopt Jellema even met vertellen om de historie weer te geven van het gewapende conflict dat rond Srebrenica plaats vond en toont hij dat hij evengoed en zelfs veel beter dan Klep in staat is een historische achtergrond voor zijn verhaal te schrijven.

Op 1 maart 1994 bereikt de Bravo-compagnie Srebrenica en meer en meer wordt uit het verhaal van Jellema duidelijk in wat voor een wespennest aan VN-regelgeving  de Nederlandse bijdrage aan de vredesmissie is beland. Verfrissend  is ook diens zelfspot als hij verhaalt van zijn escapades tijdens een met sterke drank overspoeld etentje in Zepa (bladzijde 80). Op 3 maart 1994 vindt eindelijk de officiële commando-overdracht aan Jellema over de enclave Screbrenica plaats.

Jellema als commandant van Srebrenica

Nu begint in de woorden van Jellema een periode van "een aaneenschakeling van incidenten, peacekeeping genaamd" (dit zijn bijvoorbeeld beschietingen of verdachte bewegingen, bladzijde 1DSC01611 C-Koningscompagnie07). Een incident van een geheel andere orde beschrijft Jellema op bladzijde 108 als hij verhaalt over de miscommunicatie waardoor een Mercedez-Benz met twee officieren de enclave uitrijdt, op een mijn belandt en vervolgens beschoten wordt. In plaats van enige troost is een straffe wind van voren hun deel.

In het verdere verloop van zijn verhaal schetst Jellema met vaardige hand de aaneenschakelingen van incidenten en miscommunicaties, maar ook de patrouillegang, de oplopende spanningen en de martelgang van zijn verlof. Hij verhaalt van smokkelaars, de regelgeving rond het bergen van een lijk (bladzijde 156) en de perikelen rondom het uiteindelijke vertrek naar Nederland. Als laatste krijgt de lezer de geleerde lessen te lezen, een van de uitgangspunten waarmee Jellema zijn boek begon.

First in is een zeer lezenswaardig boek en niet alleen voor de lezer die meer wil weten over de Bravo-compagnie.  Ook voor hen die interesse hebben in een werk waarin problemen overwonnen worden, volharding leidt tot wonderbaarlijke resultaten en samenwerking (soms) tot antwoorden op onmogelijke vragen. Wij konden geen andere werken van Jellema (voor het grotere publiek) vinden dus zouden wij hem willen aansporen zo snel mogelijk zijn vaardige pen weer eens op te vatten. 


Aangezien het boek geen duidelijke foto van de hier geprezen auteur bevat geven wij u hier een link waar u Jellema in actie kan zien. Zie verder ook het fotoalbum en het artikel over Jellema


 [ Terug ]

f t

Login